Innovatief beton blaast nieuw leven in mysterieuze kapelruïne

Renovatie SInt-Annakapel, Dentergem, België

Auteur: Remy Raaphorst

Als een reiziger door de West-Vlaamse velden rijdt, is er grote kans dat men de contouren ziet opdoemen van een schijnbaar oude vervallen kapelruïne; de Sint Annakapel van Dentergem. Maar als men om de kapel heen draait blijkt er meer met dit gebouw aan de hand te zijn. Een betonnen vestibule leidt naar een dakterras. En de kapel zelf is omgetoverd tot een evenementenlocatie. Benjamin Denef van Architectenbureau DMOA laat hier zien hoe verval en innovatie samenkomen op het snijpunt van cultureel erfgoed en publiek gebruik.

Sint-Annakapel, Dentergem
Bij de Sint-Annakapel komen verval en innovatie samen op het snijpunt van cultureel erfgoed en publiek gebruik (foto: DMOA)

Van verlaten kapel naar publiek-privaat icoon

In 2012 kochten de architecten van het Leuvense architectenbureau DMOA zelf de kapel.  Op dat moment was het nauwelijks meer dan een kwetsbare schil van vier overeind staande muren. Het doel was om het geheel nieuw leven in te blazen, zonder het beeld te verstoren dat de buurt inmiddels was gaan koesteren.

De oorspronkelijke bouw van de Sint‑Annakapel startte in 1864. Hoewel het heiligdom nooit is ingewijd en in gebruik genomen is de aanwezigheid van de kapel diep verankerd in lokale geschiedenis van de bewoners. Er hangen allerlei verhalen rond het (net niet)heiligdom. Ze gaan over armoede en sociale controle, over een mogelijk buitenechtelijk koningskind en dronkaards. Er gaan oorlogsanekdotes rond over de locatie die in het collectieve geheugen gegrift zijn.

Van verlaten kapel naar publiek privaat icoon

In 2012 kochten de architecten van het Leuvense architectenbureau DMOA zelf de kapel.  Op dat moment was het nauwelijks meer dan een kwetsbare schil van vier overeind staande muren. Het doel was om het geheel nieuw leven in te blazen, zonder het beeld te verstoren dat de buurt inmiddels was gaan koesteren.

De oorspronkelijke bouw van de Sint‑Annakapel startte in 1864. Hoewel het heiligdom nooit is ingewijd en in gebruik genomen is de aanwezigheid van de kapel diep verankerd in lokale geschiedenis van de bewoners. Er hangen allerlei verhalen rond het (net niet)heiligdom. Ze gaan over armoede en sociale controle, over een mogelijk buitenechtelijk koningskind en dronkaards. Er gaan oorlogsanekdotes rond over de locatie die in het collectieve geheugen gegrift zijn.

Ruïne_Sint-Annakapel
Aanvankelijk stond er nauwelijks meer dan een kwetsbare schil van vier staande muren (foto: DMOA)

Schoonheid van verval

Precies dat gelaagde verleden werd het uitgangspunt voor Benjamin Denef en Matthias Mattelaer, de oprichters van DMOA. Het startpunt was geen onbeschreven blad, maar een ontwerp dat de geliefde ruïne als silhouet bewaart.

Benjamin herinnert zich het basisidee: “…Laat ons een ontwerp maken die met zo weinig mogelijk aanpassingen aan dit silhouet en de schoonheid van verval aan de slag gaat. En dat hebben we dus gedaan door een achterbouw te verbergen achter de kapel. Dus dat silhouet van vroeger, wat ooit zelfs veel is geschilderd en nu veel gefotografeerd is, hebben we eigenlijk op die manier in stand gehouden…”

De ruimtelijke strategie is even eenvoudig als doeltreffend. Terwijl het historische profiel van de ruïne intact blijft, komt de hoofdruimte binnenin de kapel vrij voor bijeenkomsten en events. Het publieke dakterras maakt de kapel tot uitkijkpunt in een provinciaal toeristisch netwerk.

Doorleefde uitstraling

De keuze voor beton bij de vestibule was geen vanzelfsprekendheid maar een doordachte ontwerpkeuze. Het toepassen van baksteen zou te veel concurreren met het originele materiaal van de kapel. Er werd gezocht naar iets massiefs, dat toch afweek van de textuur van baksteen. Hout miste deze gezochte massiviteit en tijdloosheid. Beton bood die tijdloze kwaliteit wel.

Het beton mag op een natuurlijk manier verouderen om een doorleefde uitstraling te krijgen. Net als de bunkers in de regio die in regen en wind steeds donkerder worden. De tijd wordt bewust omarmt als ontwerpprincipe. Het resultaat is geen glad decor maar een betonnen huid of mantel met een toegankelijke no-nonsens uitstraling. Toiletten, circulatietrappen, berging, installatietechniektechniek en ondersteunende functies konden in de driehoekige vestibule ondergebracht worden en daardoor kon de kapel zelf in al zijn grandeur zo open mogelijk gehouden worden.

Benjamin legt uit: “…het beton binnenin de kapel is standaard CEM III beton met zo weinig mogelijk cement en zoveel mogelijk slakken. Omdat het binnen gebruik is, hebben we geprobeerd beton met een zo laag mogelijke CO2-voetafdruk te nemen. Voor de gevel was uiteindelijk een dermate kleine hoeveelheid ander beton nodig, dat dit ter plekke is aangemaakt…”

Onderschrift

Ruimtelijke dramaturgie: trapsculptuur en uitkijkpost

De zijbeuk is opgevat als trapsculptuur en heeft puur een esthetische werking. Het is een opeenvolging van treden, rustpunten en uitzichtpunten die refereren aan het ruimtelijke spel van de etsen van Escher. Ook het gevoel van oneindigheid past bij de symboliek van eeuwigheid van de Sint Annakapel.

De trap en het terras op de vestibule konden strak vormgegeven worden omdat er geen grote hoeveelheden water opgevangen hoefden te worden. Er zijn geen gootjes te zien, geen opstanden, geen afleidende randen. Het is een keuze die de sculpturale leesbaarheid versterkt.

Bezoekers wandelen het ornament op en kunnen onderweg allerlei half verborgen tekens tegenkomen. Benjamin vertelt: “…Dit zijn symbolen die in de bekisting zijn ingewerkt en die het verhaal van de geschiedenis van de kapel in de wand tonen…”

Eenmaal boven ontvouwt zich het landschap. De Poelberg, een klooster in de verte, windmolens en dorpen worden zichtbaar. Het is een publiek uitzichtpunt die het erfgoed terug in de ziel van de streek plaatst.

Betonkernactivering als budget intelligentie

De kapel was eerst één grote open ruimte. Omdat de kapel cultureel erfgoed is, mogen de muren niet zomaar worden geïsoleerd, zowel binnen als buiten om de authentieke sfeer te behouden. Het idee was om met één materiaalsoort meerdere functies tegelijk in te vullen. Beton diende daarom zowel als draagvloer en als verwarmingselement door thermische activering met een plaatdikte van 10 centimeter, wat een stuk lichter is dan de gebruikelijke 25 tot 30 centimeter. Dezelfde laag is ook geschikt als de finale afwerking en daartoe is de vloer gevlinderd.

Voor de verdieping erboven werd eerst een constructie bestaande uit betonnen T-balkjes met lichtgewicht elementen ertussen geplaatst, waar vervolgens de betonnen druklaag op werd gestort. Ook weer gevuld met buizen voor verwarming en met een gevlinderde afwerking. Het vlinderen van de betonvloer levert de sobere, nuchtere esthetiek op die past bij de uitstraling die voor de publieke evenementenruimte gezocht werd.

De warmtestraling zorgt voor voldoende comfort. Ook in de heel hoge kapelruimte kan vrij gemakkelijk een comfortabele constante temperatuur worden gehaald.

Onderschrift

Stortmoment als co-productie

Belangrijk inzicht voor Benjamin was dat je het stortmoment regisseert als een co‑productie. Hij legt uit: “…het vraagt iets meer werk bij de stortfase om verschillende aannemers samen te brengen die zowel de elektriciteit, de ventilatie en de verwarmingsleidingen plaatsen. Maar één keer dat het erin zit, is het werk dat erna komt gewoon superveel beperkter…”. Ruwbouw is namelijk ook de afbouw.

Benjamin is van mening dat niet elk onderdeel van het project ‘high‑tech groen’  hoeft te zijn. Alleen al de systeemkeuze voor herbestemming, levensduurverlenging, geothermie met lage temperatuurverwarming en publiek gebruik levert voor hem misschien wel de grootste ecologische winst op.

Robotische serendipiteit

Het meest sprekende idee van de kapel is de textuur van de betonnen vestibule. Deze is ontwikkeld door een samenwerking met de KU Leuven. Ingenieur‑architecte Lie Bormans programmeerde (Grasshopper) een 3D‑robotarm om meerlagig karton te perforeren en te verfrommelen. Deze kartonstroken fungeerden als bekistingsvoering. Bij het storten van de wandpanelen drukken de kartonrimpels zich als niet‑repetitieve textuur in het beton. Het levert een onverwachte esthetiek op: hoewel de robot mathematisch “precies” is, genereert vocht, schuif, druk en vezelgedrag telkens een andere breuk in het materiaal. Dit verklaart de term robotische serendipiteit oftewel gecontroleerde onvoorspelbaarheid.

Onderschrift

Ambachtslieden uit de buurt

De betonhuid van de vestibule werd laagsgewijs opgetrokken, trede voor trede. Het team van DMOA werkte daarbij samen met ambachtslieden uit de buurt. Dat ging niet vanzelf herinnert Benjamin zich: “…ze hadden eigenlijk vooral schrik omdat ze het niet kenden. Ik denk dat die toen ook eens gelachen hebben van: wat is die hier allemaal van plan, die architect? Maar dat heeft wel tot iets prachtigs en machtigs geleid…”

Het project werd bekroond met de Henry van de Velde Award in 2024. Het is een erkenning van de combinatie van menselijke creativiteit, ambachtelijkheid en robotica om materiaalpoëzie en imperfecte perfectie te creëren.  

Beton als drager van verhalen

De Sint‑Annakapel toont hoe helder gebruik van materiaal kan samengaan met expressieve finesse en technische intelligentie. Dit is geen nostalgische restauratie, maar een toekomstgerichte duurzame verankering. Het beeld van de ruïne blijft intact, maar de plek krijgt betekenis toegevoegd met beton als drager van verhalen.

Gemiddeld bezoeken nu  circa 1000 mensen per maand het uitzichtpunt op de kapel. De private uitbating van de twee eventzalen houdt het economisch nagenoeg break‑even en zorgt ervoor dat onderhoud en openstelling gewaarborgd zijn.

De kapel is vandaag een routepunt, een leerplek en een aanjager voor samenkomsten en ontmoetingen. Precies zoals de oorspronkelijke bouwers het anderhalve eeuw bedoeld hadden.

Onderschrift

Kop

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit.
Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit.

Ook interessant

Duurzaam
Projecten
V8 Architects | Jaren ‘70 kantoorpand transformeert met nieuwe betongevel en behoud van betoncasco tot duurzaam hoofdkantoor aan Zuidas.
Duurzaam
Projecten
HENN Architekten | Geen staal en minder cement door staalwapening te vervangen door wapening van koolstofvezels.
Duurzaam
Projecten
Boeri Studio | Beton is de drager van biodiversiteit in woontoren Bosco Verticale in Milaan, met bomen op grote hoogte.

Ook interessant

No data was found